Op jacht naar de goodies

Zo, na een te kort slaapje zijn we vroeg in de morgen begonnen met een voortreffelijk ontbijt bestaande uit toast, een doorgekookt eitje en een bakkie sla. Zoals ik gisteren al melde, er hing een behoorlijke grote tv in de eetzaal (die gedeeld was met de naast gelegen broodjeszaak) waarop beelden van de rouwstoet te zien waren. Het enige wat me meekregen was wat gebrabbel van ene Henk die geïnterviewd werd, want alles wat niet Japans is wordt keivast oversproken door een Japanse stem. Net zoals ze in Duitsland doen.

Het vroege opstaan was niet voor niets. Toen we verleden keer in Japan waren hadden wij de vismarkt onbewust overgeslagen. Dit keer moest het er toch echt van komen. Helaas hebben ze in de loop van de jaren wel de regels voor  toeristen die de markt willen bezoeken strenger gemaakt. Dit houdt in dat je pas na 9 uur de markt mag bezoeken en geen minuut eerder. Vroeger kon je, als je een beetje stout was, al vanaf het begin de markt op. De autoriteiten houden het erop dat de toeristen uit hygiene oogpunt beter wat later kunnen komen, maar je merkt overal dat de toeristen gewoon in de weg lopen voor de kooplui. Wat de echte reden is laten we maar in het midden.

Maar als je er dan eenmaal bent, dan is het elke keer weer een feestje. De meest rare vissen kom je tegen. Sommige nog levend, van sommige alleen nog de graten en hoofd. In ieder geval ontdek je al snel waarom sushi en tonijn zo duur zijn. Een flinke tonijn kost al snel een middenklasse auto. Tijdens het fileren wordt er dan ook geen enkel stukje weggegooid.

Op een gegeven moment hadden we genoeg van de vislucht en gingen we op zoek naar iets wat Denise heel graag wilde, TAMAGOTSIIIIII!!!!!KAWAIIInamelijk een nieuwe Tamagotchi! Helaas was de Tamadepa in Harajuku dicht (of ermee gestopt of verhuisd, dat is altijd een groot mysterie, zelfs voor de shops die ernaast zitten), maar in Character Street op het Centraal Station van Tokyo hadden we meer geluk! Denise dolbij en ik ook, want ik mocht eindelijk uit de winkel waar ze continu hetzelfde muziekje draaide.

Na een klein middagtukje in ons hotel was het weer tijd om te nerden in Akihabara, de grootste electronicabuurt in Tokyo. Dat is de plek voor gekke dingen waar een stekker aan zit, of als je heel erg van manga houdt. Wij kwamen er vooral voor de vele arcadehallen die de buurt rijk is. Behalve dat we verslaafd zijn aan de House of the Dead-serie en we deze natuurlijk niet konden overslaan, zijn we ook helemaal los gegaan op Taiko no Tatsujin. Dit is een spel met Japanse trommels waarbij je op J-Pop (Japanse popmuziek) helemaal los mag gaan op de trommels. Dit keer heb ik mij zo erg uitgeleefd dat ik er een flinke bloedblaar op mijn hand aan over hield.

Ondertussen ging het behoorlijk regen en flink onweren. Vooral dat laatste gaf de buurt een beleving die zo uit Blade Runner zou kunnen komen. Ook deze avond gingen we weer vroeg naar bed om de dag af te sluiten met een documentaire over een Zaanse molen waar pinda olie wordt gemaakt. Ook al reizen we 10.000 kilometer, toch ontkom je niet aan de Nederlandse invloeden…