Op bezoek bij Ho Chi Minh

We begonnen de dag met een bezoekje aan Ho Chi Minh in zijn mausoleum. Het is ongeveer hetzelfde als in Beijing, een groot vierkant statig gebouw met bewakers in mooie uniformen. De tassen mochten hier wel mee mits die geen eten of drinken bevatten, maar de camera moest wel afgegeven worden. Eenmaal binnen was het heerlijk koud! Stiekem wel jammer dat we moesten doorlopen… Net zoals Mao in Beijing ligt Ho Chi Minh a la sneeuwwitje in een glazen kist. Binnen vijf minuten stonden we weer buiten. Daar werden we naar de entree voor de rest van het complex geloodst. Uiteraard was het voor Vietnamezen gratis, maar toeristen moeten er omgerekend een euro voor neerleggen. Ome Ho, zoals de Vietnamezen hem liefkozend noemen, wilde niet in het presidentieel paleis wonen. Het complex bestaat dan ook uit de garage met old-timers, zijn werkplek en het houten huis op palen waarin hij zelf woonde.

Het historische plaatje is natuurlijk niet compleet zonder een bezoek aan het Ho Chi Minh Museum. Het bevat voornamelijk krantenartikelen, foto’s, gebruiksvoorwerpen en beeldende kunst over Ho Chi Minh’s leven, de revolutie en het moeilijke leven van de Vietnamezen. Op zich een aardig informatief museum, maar ik ben dan ook een lezer. Volgens Oscar was het vooral artistiek en verder saai.

Tijd voor lunch. Een van de traditionele Vietnamese gerechten is phở ( spreek je uit als feuh ), een noedelsoep met verse groente, kruiden en vlees. Vlakbij ons hotel was er een klein restaurantje wat ontzettend populair was bij zowel locals als toeristen. Gelukkig werden we niet teleurgesteld en het was erg lekker en goedkoop. Omgerekend waren we ongeveer 3 euro kwijt!

Inmiddels was het verlossende woord van de luchthaven dat onze bagage in Hanoi was aangekomen en in de middag naar het hotel gebracht zou worden. Na de lunch zijn we poolshoogte gaan nemen bij het hotel en wonderbaarlijk genoeg kwamen de tassen tegelijkertijd met ons aan. Eindelijk schone kleren!

Na een welverdiende dousch zijn we naar het army museum gegaan. Het museum heeft de standaard onklaar gemaakte wapens en wat informatie over de Vietnamoorlog, helaas was de geschiedenis tentoonstelling van voor de oorlog gesloten. Wat eigenlijk het allerleukste aan het museum was, zijn de in beslag genomen militaire voertuigen. Vliegtuigen, tanks, anti-aircraft guns, wrakken, het staat allemaal in de tuin waar ook de scooters van het personeel gestald worden.

Hierna was de middag alweer om en besloten we om wat avondeten te scoren. Hoewel we de volgende ochtend weer vroeg op moesten om naar Halong Bay te gaan, zijn we toch maar bij een kerel die ‘Bia Hoi’ verkocht neergestreken. Hier kan je supergoedkoop homebrew bier drinken. Maar 5000 dong per glas, wat omgerekend zo’n 20 cent kost. Volgens Oscar kon je zijn zweetvoeten er nog in ruiken, maar ik vond het nog goed te doen.