Welkom in de jaren 80

Harde bedden, na 10 dagen ben ik er nog steeds niet aan gewend. Maar ik slaap liever op een hard bed met airco dan op de grond, laat dat duidelijk zijn. Het ontbijt in ons hotel in Pyonyang heeft een upgrade gekregen, er staan nu 2 professionele eierbakkers die niets anders doen dan eieren bakken. Ook is er weer wat groente!

Na het geweldige ontbijteitje gingen wij naar het vrouwen- en kinderziekenhuis. Om de geboortecijfers hoog te houden (en het leger op volle sterkte) is er een speciaal bevallingsziekenhuis in Pyongyang. Omdat je als vrouw en kind een maand na de bevalling in het ziekenhuis mag blijven, zijn er ook andere afdelingen, zoals een tandarts en zulks. Een van de grappige dingen is dat de familie moeder en kind 2 weken niet mag zien om infecties te voorkomen. Dat hebben ze slim opgelost door middel van videoconferentie. Op de foto ziet de jas van Denise er nogal gek uit. Dit is omdat wij niet de labjas aan mochten doen, maar over ons heen. Alsof wij ineens een operatie gingen uitvoeren.

Owja, zelfs in het ziekenhuis is er natuurlijk voorlichting door middel van propaganda. Vrouwen die een drieling of meer produceren krijgen behalve een officiële brief van Kim Il Un hemzelf, ook een plakaat in het het ziekenhuis met de namen, gratis onderwijs en huizing in Pyongyang, geld voor het onderhouden van de kinderen en nog meer extra’s.  Tevens krijgen de kinderen kadootjes, een ring voor de dames en een mes voor de jongens, zodat ze een aandenken hebben.

Voor de rest zijn de apparaten uit de jaren 80 en vooral Russisch. De onderzoeksmethoden doen ze nog met de hand en dat vertellen ze trots.  Op de vraag hoe wij dat in Nederland doen zei Denise maar dat wij te weinig ziekenhuizen en personeel hebben  om het handmatig te doen en dat wij daarvoor apparaten hebben uitgevonden. Je zag in de ogen van de begeleidster dat zij dat ook wilde, maar er gewoon niet genoeg geld / niet mocht invoeren / niet genoeg kennis is om het in te voeren. Voor de rest leek het gebouw op het VU, en dat zegt alweer genoeg…

Op naar het Monument for founding of the Workers Party. Niet dat er een andere groep is. Het idee achter de groep is, is dat je Kennis, Arbeiders en de Boeren nodig hebt om een land draaiende te houden en zoals met alle monumenten, er wordt van alles uitgebeeld door middel van standbeelden en op de pilaren de 3 logo’s van de partij (kaars, hamer en sikkel). Het is een mooi gezicht, zo mooi dat heel Pyongyang er natuurlijk uit zicht op moet hebben. Gelukkig doen we het niet in Nederland, moet er niet aan denken om overal heel groot VVD of SP te moeten zien…

Maar daar bleef het niet bij, na dat monument moesten wij, uiteraard, naar het Juche monument waar je voor maar 5 euro naar boven mag. Ze zeiden dat het gebouw 150 meter hoog was, maar ik denk dat 50 meter een reëlere hoogte is. Dat mag de pret niet drukken, want je krijgt, voor het eerst, een goed uitzicht over Pyongyang. En dan zie je dat de rivier die erdoor heen loopt een mooie scheiding is tussen het nieuwe gedeelte en oude gedeelte. En het oude gedeelte is echt oud. Lemen huisjes, hooguit 20 m2 groot en achteraf zagen wij in het hotel dat er ook geen licht brand. Dat kan zijn dat zij geen elektriciteit krijgen of hebben. Het nieuwe gedeelte ziet er dan weer blitsend uit. Veel gebouwen met glas en lichtlijnen zoals in China. En nee, niet zoals in Vegas, waar Vegas nog een bepaalde ‘klasse’ heeft, doen de Chinezen er nog een schepje bovenop.

Ow, en wat zien we daar, een spontane trouwerij! We proberen zo enthousiast mogelijk te doen en ik maak zoveel mogelijk foto’s. Elke toerist ziet namelijk een ‘spontane’ trouwerij. Als je trouwt, staat dat trouwens niet geregistreerd zoals in Nederland. Korea vind trouwen iets tussen de mensen, en dat het volk dat maar zelf moet oplossen.

Hoewel wij in het begin duidelijk hadden gezegd dat wij NIET naar de school voor muziek te gaan (we wilden naar struisvogelboerderij, juist om die kinderen te ontlopen), gingen we toch daarnaartoe. Wij boos. Leuk voor toeristen die 50+ zijn en persoonlijk Heintje Davids kenden en alle cd’s van Jantje Smit hebben, maar kinderen en muziek zijn niet ons ding. Het is dan wel mooi, maar het is toch niet ons ding. Vooral omdat we getrakteerd werden op een voorstelling (waar wij nepbloemen konden kopen om te geven aan de kinderen) waar we niet op zaten te wachten. Kinderen hebben al hoge stemmen, en het is vet kewl om heel erg hoog te zingen, waardoor het gekweel geregeld mijn pijngrens met beide voeten betrad. Gelukkig waren wij niet de enige, menig Westerse buitenlander keek met een pijnlijk gezicht. De Chinezen daarintegen vonden het prachtig.

Ondertussen zat onze vrouwelijke begeleider Pak te flirten met een Nederlander die werkte in Singapore. Tegens ons vertelde dat ze pas 2 maanden als begeleider werkte, maar hij had haar al 3 jaar geleden als begeleider. Loog ze nou tegen ons? En waarom liegen over hoelang ze al werkt? Heeft zij en Pyong al vaker tegen ons gelogen? Kennelijk wel… Dat ze dingen verzwijgen (Nee er zijn geen VN medewerkers  in Korea, terwijl we letterlijk naast een auto van de VN staan), dat er geen armoede is en dat Pyong met liefde op het land werkt, oké, maar over zulke simpele dingen liegen? Daar ging hun geloofwaardigheid.

Gelukkig was dat het laatste punt van die dag en gingen we vroeg naar ons hotel. Daar hadden ze speciale ruimte waar je post, faxen en een email kon versturen voor maar 2 euro per mail van 256kb en per 3 minuten voor 5 euro kan internetten.

Het hotel had vele faciliteiten die in Pyongang schaars zijn, zoals een zwembad, een kapper en een manicure. De ‘normale’  Koreanen komen dan ook door middel van een achterdeur, verstopt voor de toeristen. Maar omdat de beveiliging daar wat losser is en nadat ik de bewakers wat sigaretten had gegeven, kon ik doorlopen, zo de vrijheid in. Ik durfde helaas niet verder te gaan dan tot de openbare weg. Je weet tenslotte niet wat er gebeurt als je verder gaat. Ik waagde het er maar niet op om verder te gaan en ging maar terug, samen met de bewakers naar oude beelden van Kim Il Sung kijken. Dat schept toch wel een band…